Door deze website te gebruiken gaat u akkoord met het gebruik van cookies op de website.

Vertrouwenspersoon

Vertrouwenspersoon

Waarom een vertrouwenspersoon?

Ongewenst gedrag komt helaas overal voor: op school, in de straat, thuis, op het werk en ook bij het voetballen. Als bestuur van de vv Limmen willen we de zaken binnen onze vereniging goed op orde hebben. De zorg voor een veilige omgeving voor iedereen en voor jeugdleden in het bijzonder, is daarin essentieel. We willen een situatie scheppen waarin sporters kunnen groeien en bloeien. Daar horen afspraken en maatregelen bij om seksuele intimidatie en andere vormen van ongewenst gedrag te voorkomen. Daarnaast willen we als bestuur voorbereid zijn om professioneel en adequaat om te gaan met de gevolgen als dit toch aan de orde is. Kortom: ouders, jeugdleden en toekomstige jeugdleden moeten ervan kunnen uitgaan dat de vv Limmen er alles aan doet om iedereen onbezorgd te laten voetballen.

Wat is een vertrouwenspersoon?

Een vertrouwenspersoon is er voor iedereen die te maken heeft met ongewenst gedrag en hierover vertrouwelijk wil praten. Er zijn veel soorten van ongewenst gedrag zoals agressie, bedreiging, belediging, mishandeling, pesten, ongewenste intimiteiten en discriminatie.

De vertrouwenspersoon luistert naar jouw verhaal. Hij heeft een geheimhoudingsplicht over wat jij vertelt. De vertrouwenspersoon is er voor de voetballers, de ouders, de begeleiders, coaches en trainers. Maar ook voor de toeschouwers, de vrijwilligers en het bestuur.

Wat doet de vertrouwenspersoon?

De vertrouwenspersoon luistert naar jou en kan jou begeleiden. In overleg met jou, en soms ook met je ouders, zoekt hij naar een bemiddelaar of kan verwijzen naar een hulpverlener. Ook kan de vertrouwenspersoon jou helpen bij het indienen van een formele klacht of aangifte.

Wie is de vertrouwenspersoon bij vv Limmen?
Ons vertrouwenspersoon is Bert Aker en is te bereiken op 06-12098423. Ook kan je een e-mail sturen naar vertrouwenspersoonvvlimmen@gmail.com

Bert maakt al jaren deel uit van het jeugdbestuur en heeft twee jongens die in de jeugd van onze club voetballen. Indien de melder het verhaal liever met een vrouw wil bespreken zal Bert zorgen dat dit mogelijk wordt.

Hoe werkt de vertrouwenspersoon?

Hiervoor is een protocol ontwikkeld waarin is vastgelegd hoe het werkt en wat je mag verwachten. Hieronder volgt de integrale tekst van dat protocol. 

Protocol vertrouwenspersoon

  1. De vertrouwenspersoon (VP) is binnen de vereniging het eerste aanspreekpunt voor iedereen die opmerkingen, vragen of klachten heeft over een vorm van ongewenst gedrag. Vormen van ongewenst gedrag zijn: agressie, discriminatie, pesten, ( seksuele ) intimidatie of treiterenDe vertrouwenspersoon wordt benoemd door het bestuur, voor een periode van drie jaar. De VP kan worden herbenoemd voor drie jaar.
  2. Om te bepalen of er sprake is van ongewenst gedrag wordt niet uitgegaan van de bedoelingen van de veroorzaker, maar hoe dit gedrag overkomt bij de persoon die het heeft ervaren. Mensen hebben nl. het recht om zelf hun grenzen te trekken in de omgang met elkaar.
  3. Onder intimidatie wordt verstaan: macht uitoefenen op een ander op een negatieve manier. Seksuele intimidatie staat voor allerlei vormen van seksueel getinte aandacht die als ongewenst wordt ervaren, eenzijdig is en opgelegd is. Als er gesproken wordt over agressie of geweld gaat het om voorvallen waarbij iemand psychisch en/of fysiek, verbaal of non-verbaal wordt lastig gevallen, bedreigd of aangevallen. Discriminatie is iedere vorm van onderscheid, uitsluiting, beperking of voorkeur op grond van geslacht, leeftijd, handicap, ras, godsdienst, levensovertuiging, seksuele geaardheid of herkomst die tot gevolg heeft de gelijke behandeling van leden, vrijwilligers of medewerkers aan te tasten of teniet te doen. Uitzondering hierop vormt de teamindeling. Om tot een evenwichtige indeling te komen, wordt wel onderscheid gemaakt naar voetbalkwaliteiten, geslacht, leeftijd, handicap en herkomst. Pesten: hier gaat het om ervaren van vijandig, vernederend of intimiderend gedrag door de melder, waartegen de melder zich niet effectief kan verweren.
  4. De VP gaat een functionele vertrouwensrelatie aan met de melder of andere personen die een beroep op hem/haar doen. Daarom belooft de VP alle betrokkenen geheimhouding van hetgeen hem/haar bij de uitoefening van de functie als VP ter kennis komt. Uitzondering op de geheimhouding, zie onder e. Het horen vindt uiterlijk binnen 14 dagen plaats. In het gesprek worden in ieder geval de volgende zaken besproken:
    1. Wat is precies de situatie geweest waar de melding of de klacht over gaat?
    2. Betreft het een beschuldiging of is het een verzoek om beweerd ongewenst gedrag te onderzoeken?
    3. Wat is het tijdvak geweest waarin het gemelde ongewenste gedrag is voorgekomen?
    4. De VP maakt duidelijk aan de melder dat elke melding geanonimiseerd met de voorzitter van vv Limmen wordt besproken, omdat die de verantwoordelijkheid heeft om de implicaties voor de vereniging vast te stellen en daarnaar te handelen.
    5. De vertrouwelijkheid van het gesprek is begrensd: indien de veiligheid van één of meerdere leden in het geding is en/of wanneer er sprake is van een ernstig strafbaar feit.
  5. Van het gesprek wordt door de VP binnen twee weken een verslag opgesteld dat wordt ondertekend door de melder en de VP. Als een melder de ondertekening van het verslag weigert, wordt dit vermeld in het verslag door de VP, zo mogelijk onder vermelding van de redenen.
  6. Als het een melding of klacht betreft die is ingediend door een ouder of verzorger van een lid van vv Limmen, wordt ook dit lid gehoord, tenzij zijn of haar persoonlijk belang en/of leeftijd zich hiertegen verzet. Dit ter beoordeling van de VP.
  7. Naar aanleiding van het gesprek met de melder wordt de betrokkene geïnformeerd over mogelijke vervolgstappen en over de (externe) instanties waartoe betrokkene zich kan wenden. De betrokkene maakt hierin zelf de keuze of wordt doorverwezen naar instanties die bij die keuzebepaling kunnen helpen (bv. maatschappelijk werk, huisarts, politie). De VP verleent zo mogelijk deskundige begeleiding aan de persoon die geconfronteerd was met (seksuele) intimidatie, maar de VP bemiddelt niet in eigen persoon tussen degene die bij hem komt en de andere partij. De VP doet ook geen uitspraak over de gegrondheid van de klacht.
  8. De voorzitter van vv Limmen beoordeelt hoe vanuit de bestuurlijke verantwoordelijkheid moet worden gehandeld. Indien dit handelen vereist dat (een deel van) de vertrouwelijkheid moet worden opgeheven, zal betrokkene door de VP hierover uitleg krijgen en om diens toestemming worden gevraagd. Het opheffen van vertrouwelijkheid kan ook gebeuren zonder toestemming van betrokkene:
    1.  indien er sprake is van een (ernstig) strafbaar feit;
    2.  indien er sprake is van angst of onmacht aan de zijde van betrokkene om een ongewenste situatie te beëindigen; dit ter beoordeling van de vertrouwenspersoon;
    3. als er sprake is van een voor de betrokkene of derden acute onveilige sportomgeving, ook ter beoordeling van de VP;
    4. als er sprake is van gedragingen of van een situatie waarin het bestuur vanuit haar verantwoordelijkheid in het algemeen belang moet ingrijpen.
  9. De VP brengt de voorzitter van vv Limmen altijd op de hoogte van hetgeen betrokkene heeft verklaard en welke afspraken zijn gemaakt m.b.t. de doorverwijzing. Dit gebeurt in principe geanonimiseerd.
  10. De VP maakt verslag van de gevoerde gesprekken en de daaruit voortvloeiende doorverwijzing en gemaakte afspraken. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een standaard formulier dat hiervoor is ontwikkeld door NOC/NSF. Deze formulieren worden binnen de vereniging op een veilige wijze gearchiveerd.
  11. Na afloop van het verenigingsjaar stelt de VP een jaarverslag op, waarin is opgenomen het aantal meldingen en het aantal keren dat dit geleid heeft tot een klacht. Tevens worden in het jaarverslag voorstellen opgenomen tot verbetering.
  12. Minimaal één keer per twee jaar evalueert het bestuur het beleid inzake seksuele intimidatie en andere ongewenste omgangsvormen. Het initiatief hiervoor ligt bij de voorzitter.

Preventief beleid

In een goed en stimulerend sportklimaat behoren sportiviteit, respect en aandacht voor de ander tot de normale omgangsvormen. Er wordt op ongewenst gedrag alert gereageerd. Zo'n klimaat vereist een actieve bijdrage van een ieder die aan onze club verbonden is. Niet alleen met betrekking tot het eigen gedrag, maar ook door een waakzame houding tegenover elke vorm van ongewenst gedrag die men in de eigen sportomgeving signaleert. Ongewenst gedrag behoort altijd aan de orde te worden gesteld; hetzij door de betrokkenen rechtstreeks aan te spreken, hetzij door derden in te schakelen.

Het preventieve beleid concretiseert vv Limmen op de volgende wijze:

  • Elke (betaalde) trainer/coach en bestuursleden beschikt over een VOG, een verklaring omtrent het gedrag;
  • het actief en in voldoende mate kenbaar maken van deze code bij alle betrokken via bijeenkomsten, website, enz.;
  • het geven van adequate voorlichting over ons beleid en de risico's van seksuele intimidatie, agressie, geweld, pesten en discriminatie binnen de vv Limmen;
  • het wegnemen of verminderen van risico's met betrekking tot ongewenst gedrag en het toezicht op de naleving hiervan;
  • de inbedding en borging van de gedragscode.

 

Gedragsregels begeleider (= coach/trainer):

Het doel van de gedragsregels voor begeleiders is tweeledig. De vereniging wil hiermee namelijk zowel de sporters als de trainers/coaches duidelijke handvatten geven om de kans op ongewenst gedrag zo klein mogelijk te houden. De positie van trainers en coaches is kwetsbaar door de (intensieve) contacten met de sporters. Door heldere regels te stellen moet duidelijk zijn wat de grens is van het toelaatbare, voor zowel henzelf als degene waar zij tijdelijk zorg voor dragen. 

  1. De begeleider moet zorgen voor een omgeving en een sfeer waarbinnen de (jeugdige) sporter zich veilig voelt;
  2. De begeleider onthoudt zich ervan de sporter te bejegenen op een wijze die de (jeugdige) sporter in zijn waardigheid aantast, én verder in het privé-leven van de sporter door te dringen dan nodig is in het kader van de sportbeoefening;
  3. De begeleider onthoudt zich van elke vorm van (machts)misbruik of seksuele intimidatie tegenover de sporter;
  4. Seksuele handelingen en seksuele relaties tussen de begeleider en de jeugdige sporter tot zestien jaar zijn onder geen beding geoorloofd en worden beschouwd als seksueel misbruik;
  5. De begeleider mag de sporter niet op een zodanige wijze aanraken dat de sporter en/of de begeleider deze aanraking naar redelijke verwachting als seksueel of erotisch van aard zal ervaren, zoals doorgaans het geval zal zijn bij het doelbewust (doen) aanraken van geslachtsdelen, billen en borsten;
  6. De begeleider onthoudt zich van seksueel getinte intimiteiten via welke communicatie (dus ook via de social media) dan ook;
  7. De begeleider zal tijdens training en wedstrijden gereserveerd en met respect omgaan met de sporter en met de ruimte waarin de sporter zich bevindt, zoals de kleedkamer en kantine;
  8. De begeleider heeft de plicht de sporter te beschermen tegen schade en (machts)misbruik als gevolg van seksuele intimidatie;
  9. De begeleider zal de sporter uit persoonlijke overwegingen geen (im)materiële vergoedingen geven;
  10. Indien de begeleider gedrag signaleert dat niet in overeenstemming is met deze gedragsregels zal hij de desbetreffende persoon erop aanspreken;
  11. In die gevallen waarin de gedragsregels niet (direct) voorzien, ligt het binnen de  verantwoordelijkheid van de begeleider in de geest hiervan te handelen.
Delen

voeg je eigen gadgets toe aan deze pagina!